Elektrische veiligheid in je bedrijf op orde
De warmtepomp vervangt de cv-ketel en elektrisch werk komt steeds vaker bij je W-monteurs terecht. Leg verantwoordelijkheden vast, zet je aanwijsbeleid op orde en maak je mensen veilig breder inzetbaar.
Jij bent verantwoordelijk, ook voor elektrisch werk
De branche elektrificeert in hoog tempo. Installaties met gelijkspanning, thuisbatterijen en laadpalen vragen om andere kennis dan je monteurs gewend zijn. Tegelijk is vaak onduidelijk wie waarvoor verantwoordelijk is, zeker als je samenwerkt met onderaannemers en zzp'ers.
De NEN 3140 geeft een helder kader voor rollen en aanwijzingen. Het gaat mis als niemand het vastlegt. Begin daarom met een plan.
Plan van aanpak
- Breng het elektrische werk in kaart. Welke installaties zijn er, en wie werkt eraan of in de buurt?
- Leg rollen en verantwoordelijkheden vast. Benoem een installatieverantwoordelijke en werkverantwoordelijken. Ook in afspraken met onderaannemers en zzp'ers.
- Bepaal per medewerker het juiste niveau. Voldoende onderricht, vakbekwaam of verantwoordelijk.
- Leid je medewerkers op per rol. Met een training en examen maken ze hun kennis aantoonbaar.
- Wijs schriftelijk aan en houd het actueel. En werk aan een cultuur waarin je elkaar aanspreekt op veilig werken.
Leg vast wie waarvoor verantwoordelijk is
Op een project werken installateurs, onderaannemers en zzp'ers vaak door elkaar. Is niet vastgelegd wie de installatieverantwoordelijke is? Dan kan die verantwoordelijkheid bij jou als opdrachtgever of eigenaar terechtkomen.
- Bepaal wie binnen je bedrijf eindverantwoordelijk is volgens de Arbowet
- Benoem per installatie een installatie- en werkverantwoordelijke
- Leg rollen vast in de opdracht aan onderaannemers en zzp'ers